waanzinnige zeeklassen blogboek deel 4

Hoofdstuk 7

Vliegende start

We stonden niet rustig op, we moesten de hele dag supersnel zijn. We hadden maar 1 minuutje en 1 seconde. om alles in te pakken. Tanden te poetsen en een ontbijtje te doen, al de valiezen in de auto…

Daarna gingen we in groepjes op ’t strand spelen.

We maakten kanonskogels van een sok en zand. . we knoopten de sok dicht. Er waren mega grote en mega kleine. We gooiden ermee: ver als je de herinnering fijn vond, minder ver als je het middelmatig vond, niet leuk dan gooide je dichtbij.

Mandala’s: we tekenden onze schaduw en vullen die met schelpjes. Je kon ook een heel groot vierkant of cirkel maken met schelpen.

 

Vissen: we maakten potjes stink. Je stopte dingetjes uit de zee in een pot. Na een tijdje begint ’ t super hard te stinken.

Kastelen maken: we maakten in groepjes een kasteel. Het eerst groepje zijn kasteel was overstroomd dus zochten ze een andere plaats, het water werd een slotgracht. De slotgracht was zo groot dat alle kinderen  erin konden. Zo groot dat er ook een haai  in kan en krokodillen. Die

kwamen ook. Ze beten in onze billen en we moesten hard gillen en we renden snel weg!

We renden naar de picknick Sommige kinderen renden naar een grote zwarte auto daar gingen ze winkelen in de valiezen van andere kinderen zodat iedereen terug warm had.

De laatste reis begon. We namen de tram naar ’t waanzinnige zwembad. Het was eigenlijk mega-super-zout verschrikkelijk water. Er was een mega strenge mevrouw. Ze was lelijk, zo lelijk als kapitein Houthoofd. Je moest 2 miljoen meter kunnen zwemmen en super hoog kunnen springen. Als dat niet kon , moest je boeitjes aan je armen ,aan je voeten en vliegende schoenen aandoen. Wat nog erger was, de boeitjes wogen 300 kg. Als je nog niet kon zwemmen moet je in een wzwembad vol dynamiet. Gelukkig overleefden we dit gevaarlijke zwembad!

De glijbaan was leuk en snel en er was een leuk bubbelbad! Er was een boze madame. Er was één drijvende bloem en één drijvende krokodil. het was zout water. We moesten 25 meter kunnen zwemmen om zonder bandjes te mogen op de glijbaan.

 

Hoofdstuk 8

De laatste reis

Met de tram naar ’t station en daar stapten we over naar de trein.

Op de trein kwamen we 2 jongens tegen. Het waren Bert en Ernie. Zij kenden heel veel bekende mensen zoals Charlie (Miela van Ghostrockers) . Ze waren heel grappig en deden ons allemaal lachen.

De reis stopte in Alken.

Jammer genoeg was ons boek nog altijd niet klaar, toen we in Alken aankwamen. De slimme kinderen van de eerste graad besloten het boek zelf te schrijven zonder Andy en Terry .

Ze werkten en werkten en werkten tot ze bijna omver vielen.

Gelukkig maakten ze ook een heel leger ninjaslakken om ’t boek tijdig naar meneer Grootneus te brengen!

De slakken werden allemaal opgesteld in de praatronde van de eerste graad en zo ook bewaakt tijdens de nacht.

Meneer Grootneus was blij verrast dat de kinderen het werk van Andy en Terry tijdig afmaakten. Hij besloot dan ook het boek mooi te laten drukken en ze te bezorgen na de vakantie!

 

Comments are closed.